zoeken op parasiet
INFO

   Home > zoeken op parasiet > Bacterievuur

Bacterievuur

Erwinia amylovora

 Type: Bacterie

  Schadebeeld
Het schadebeeld varieert van waardplant tot waardplant en naargelang het seizoen. Volgende kenmerken wijzen meestal op aanwezigheid van bacterievuur. Bruin-, zwartverkleuring van bloesem, vrucht, blad en twijgen. Het is net of ze door vuur verschroeid zijn. Toppen van de aangetaste scheuten krullen naar binnen, ook bisschopsstaf of vlaggetjes genoemd. Kenmerkend is dat de bloem, vruchtjes en blaadjes aanwezig blijven op de plant. Zelfs tot in de winter en tot het terug uitlopen van het blad kunnen deze kenmerken zichtbaar zijn. Crèmekleurige, witte slijmdruppels kunnen op aangetaste delen terug te vinden zijn.

  Cyclus
De bacterie verspreidt vooral via wind, regen en insecten. Infectie gebeurt via diverse invalspoorten; bloemen zijn de belangrijkste natuurlijke invalspoort. Snoeiwonden, hagelschade, insecten en mechanische beschadigingen zijn andere invalspoorten. Ook de mens maakt invalspoorten en zorgt voor verspreiding. Dit gebeurt vaak accidenteel. Besmet snoeigereedschap, werkzaamheden tussen de planten, lopen of rijden door het gewas,… kunnen de bacterie verspreiden van boom naar boom. De kans op infectie en uitbreiding is het grootst bij warm, vochtig en onweerachtig weer in de lente en de zomer. Tijdens de winter is de kans op infectie via de snoeiwonden of door overdracht van zieke naar gezonde takken zeer klein. Daarom moeten de hagen bij voorkeur in de winterperiode worden gesnoeid.

  Beheersing
Beheersing is gericht op preventieve acties die de insleep, de verspreiding en de ontwikkeling van de ziekte verhinderen. Erwinia amylovora is een schadelijk organisme waarvoor wettelijke bepalingen bestaan. Er werden bufferzones rond boomkwekerijen met waardplanten van bacterievuur afgebakend. Daar zijn bijzondere bestrijdings- en controlemaatregelen van toepassing. In deze zones moeten niet enkel de percelen met waardplanten, maar ook de omgeving vrijgehouden worden van bacterievuur. Op deze manier wordt bacterievuurvrij plantgoed gewaarborgd.
 
Preventieve maatregelen
• Snoeiwonden tijdens het seizoen worden best afgedekt met een wondpasta; dit verkleint de kans op infectie. Tijdens de winterperiode is dit niet nodig.
• Bacterievuurinfecties worden tijdens het seizoen het best weggesneden onder droge weersomstandigheden en zo snel mogelijk verbrand.
• Snoeigereedschap regelmatig ontsmetten.
• Regelmatige controle in en rond het bedrijf houden om infecties vroeg op te merken.
• Herkenning van de aantasting door het personeel.
• Aanplanten van minder of niet gevoelige soorten en cultivars. In welke mate schade wordt veroorzaakt is verschillend van de waardplant. Ook binnen een plantensoort vertonen rassen en variëteiten een verschillende gevoeligheid. Bij de sierteeltgewassen zijn vooral Crataegus en Cotoneaster gevoelig. Bij Crataegus is de Crataegus monogyna gevoeliger dan bijvoorbeeld de Crataegus phaenopyrum. Grootbladige Cotoneaster bv. Cotoneaster salicifolia ‘Floccosa’ is gevoeliger dan kleinbladige. Malus is minder gevoelig dan Pyrus. Bij Pyrus communis zijn de variëteiten ‘Durondeau’ en ‘Triomphe de ienne’ het meest gevoelig.
• Het jaarlijks snoeien van meidoornhagen reduceert het infectierisico sterk omdat er dan minder bloemen aanwezig zijn. De bloemen worden gemakkelijker geïnfecteerd dan de scheuten. Snoeien gebeurt best in de winterperiode.
• Nabloei wordt in de fruitteelt verwijderd zodat infectie via deze nabloei kan vermeden worden.

Wordt er een aantasting van bacterievuur vastgesteld op een bedrijf, in een gemeente of in een particuliere tuin, dan is er meldingsplicht aan het FAVV (Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen). Om verspreiding en overleving van de bacterie te beletten, dient men onverwijld maatregelen te treffen die onderworpen zijn aan wettelijke bepalingen, nl. aangetaste plantendelen verwijderen.

  Waardplanten
Chaenomeles, Cotoneaster, Crataegus, Cydonia, Eriobotrya, Malus, Mespilus, Pyracantha, Pyrus, Sorbus
De natuurlijke waardplanten zijn struiken en bomen van de familie Rosaceae (roosachtigen): Chaenomeles (japanse kwee); Cotoneaster (dwergmispel); Crataegus (meidoorn); Cydonia (kweepeer); Eriobotrya (japanse mispelboom); Malus (appel); Mespilus (mispel); Pyracantha (vuurdoorn); Pyrus (peer); Sorbus (lijsterbes).


Daar het onmogelijk is om van een parasiet op elke plant een foto weer te geven, wordt de meest representatieve foto getoond.
Over het Waarnemings- & Waarschuwingssysteem | Over deze app en gebruiksvoorwaarden
© Viaverda | Privacyverklaring en Cookiebeleid - Alle rechten voorbehouden